Mijn eerste Training bedrijfsethiek in Pyongyang, een dagboekverslag

Dagboek van een  bedrijfsethiek training aan MKB Noord Korea, M.E. Harmsen

Maandag 19 Augustus, Pyongyang

We zijn net door de Airport Security heen gekomen, als we door onze Britse begeleider worden gestopt; we kunnen niet verder, onze Noord Koreaanse reisleiders (die ook het simultaan vertalen zullen doen deze week,) zijn nog niet aangekomen in de aankomsthal. We zijn een groep van 4 bedrijfsadviseurs, uitgezonden door Choson Exchange, een Singaporees uitwisselingsinstituut om een week een aantal trainingen te verzorgen aan lokale MKB’ers in Pyongyang, Noord Korea. We zullen trainingen geven over efficiëntie, strategie, internationaal recht en corruptie, en Maatschappelijk Verantwoord ondernemen. Dat laatste zal ik verzorgen. Maar dat begint morgen pas. Vandaag, Maandagochtend, hebben we ons visum gekregen bij de Noord Koreaanse Ambassade in Peking en een uur later zijn we ingecheckt bij Air Koryo, om de twee uur te vliegen naar Pyongyang. Op het vliegveld aangekomen zijn we in snel door de douane heen, maar nu mogen we niet zelf naar ons hotel; iedere buitenlander, toeristen of zakenlui, moeten onder begeleiding zich laten vervoeren in dit land.

De aankomsthal is klein en spartaans (de nieuwe wordt net ernaast gebouwd), buiten staan  10 auto’s en een paar taxibusjes te wachten op een betonnen verder lege parkeerplaats. De lucht is schoon en blauw (iets wat me opvalt omdat ik in Peking woon, waar grijze smog meer normaal is dan me lief is), en al snel komen onze drie vaste begeleiders opdagen, met een bus om onze spullen naar ons hotel in de stad te brengen; twee jonge vrouwen en een mannelijke baas, die alledrie uitstekend Engels spreken, ze dragen alledrie een speldje met Kim-Il-Sung erop, en bij nader inzien draagt iedereen dat  in Noord Korea, een Kimspeldje. Ze zijn aardig en correct en we voelen ons op ons gemak, dit gaat prima werken zo. Onze twee vertaalsters vuren ons meteen vragen over de PowerPoint slides. Die moesten we weken van te voren naar ze opsturen (voor de censuur) en zij zullen onze training vertalen naar Koreaans voor ons. Ondertussen rijden we in een uurtje over een verlaten snelweg naar ons hotel.

Het hotel is niet om over naar huis te schrijven, dus dat laat ik ook maar.  Die avond bezoeken we de Arirang,  de massavoorstelling (100.000 artiesten) in het grootste stadion (150.000 zitplaatsen) van Noord Korea, waar we getrakteerd worden op 90 minuten propaganda voor het meest fantastische land ter wereld, en haar dierbare leiders, Grootvader Kim de eeuwige president, Zoon Kim Jong-il, en kleinzoon Kim ‘The great Commander’. 20.000 Kinderen houden een kwart van de stadium zitplaatsen bezet en hebben ieder een groot boek met gekleurde platen op schoot, welke bladzijden ze tegelijkertijd omslaan om samen een enorm mozaïek te vormen. De voorstelling moet buitenlanders en Noord Koreanen overweldigen en dat doet het ook.  Zouden westerse kinderen, allemaal tegelijk dit kunnen doen? Willen we dat?

 

Dinsdag 20 Augustus

Iedere buitenlander, toerist of zakenman/vrouw, zal binnen 24 uur na aankomst onder begeleiding van zijn gids naar de standbeelden van de gestorven leiders worden gebracht om daar een bloemetje te leggen en een buiging te maken. Ook wij worden s ochtend ernaartoe gebracht, met onze eigen bus. Onderweg valt me als Nederlander op dat er bijna geen fietsers zijn; ik had gehoord dat de snelwegen verlaten zijn, maar in andere arme landen zie je toch mensen zich verplaatsen per fiets; hier is zelfs dat sporadisch aanwezig, veel mensen lopen de hele weg, bepakt, met een kar aan de hand. We komen aan bij de 20 meter hoge koperen Kim Beelden waar Nebukadnezar trots op zou zijn. Degenen  onder ons die er het minste moeite mee hebben, leggen de bloemetjes en volgen ook het buigprotocol. Mijn vertaalster heeft haar elleboog onder de mijne en kijkt naar haar buiging naar wat ik doe. De rest van de week blijft ze wat iets kriegeligs houden op me, en het is daar begonnen. 

’s Middags beginnen we onze training te geven aan de lokale ondernemers; 46 mensen (de helft vrouw) met Kim speldje op, zitten klaar in de Nationale Bibliotheek (grootte tweemaal Rijksmuseum Amsterdam) op ons te wachten. Ik vertel eerst dat ik nog nooit in zo’n mooi gebouw heb lesgegeven, en ik heb toch al in China, Indonesie en Nederland trainingen gegeven. Ik zie de cursisten ontspannen glimlachen en dan vallen de Kim speldjes even niet meer op. Ik ben me bewust van het feit dat ik als Westerling les geef bij ze, en spreek dat ook uit; en als trainingstaktiek (wat ik gebruik bij dit soort regimes maar dat zeg ik niet) wil ik daarom positieve voorbeelden uit Azie pakken, en zal zelfkritiek (negatieve voorbeelden) geven op de westerse gang van zaken. Ik wil ze die zelfkritiek leren door het voor te leven. Mijn cursisten snappen mijn opstelling en ik heb een interactieve middag met ze. Alleen mijn vertaalster legt mijn bescheiden opstelling uit als bevestiging dat het Westen een beroerde plaats is om te wonen….

Woensdag 21 Augustus

Ieder uur van de dag hebben we onze begeleiders om ons heen, en na gisteren kan ik daar wel mee leven, omdat ik mijn training zo goed mogelijk wil geven en de vertaling ervan essentieel is. Maar 1 uur per dag om zeven uur s ochtends kunnen we in de hal van onze hotelverdieping alleen zijn, en zijn we als Westerlingen samen aan het zwoegen voor een meegebrachte Amerikaanse insanity fitness video, de schrammen van het hoteltapijt zitten nog op mijn armen. 

Deze dag heb ik een aantal Case Studies gemaakt met rollenspellen, voor de Noord Koreaanse cursisten een uitdaging om te doen, maar het geeft mij een begin van een inzicht hoe Noord Koreaanse ondernemers denken en beslissingen nemen.  Iemand vertellen hoe een taak uitgevoerd moet worden, gaat ze gemakkelijk af. Maar een ambigue situatie (is er sprake van stelen? Of alleen onwil?) is moeilijk te duiden voor ze. En wat zou het Westen vinden van Noord Korea? Hebben ze daar een idee van? Vast wel, maar niemand wil iets zeggen, en de vertaalster wil nu meteen weten wat ik van hun revolutie vind, waarna mijn Britse begeleider de discussie afkapt voor de veiligheid. We bespreken weer Westerse begrippen als individuele verantwoordelijkheid, meer doen dan alleen wat de wet van je vraagt, zelf nadenken. Maar ook; wat is geluk? “Wij hebben het goed, dat wil het Westen niet zien, wij zijn gelukkig!” Zegt een van mijn cursisten. In de koffiepauze (de enige pauze waar we met onze cursisten vrij mogen spreken) schiet hij mij nog even persoonlijk aan, ik leg hem uit dat het in het Westen niet altijd zo werkt, dat wij nooit 100% tevreden zijn met onze samenleving, en daarop reageert hij dat zij dat ook natuurlijk hebben, en dat zij verbeteringen nodig hebben. Dat is iets wat hij niet in de les wil zeggen, en wat ik niet daar kan herhalen. Ik loop tegen de grenzen van de cursus (weer) aan, frustrerend. Ik kan wel in mijn eindreflectie aan hun (nadat de partijafdelingsleider een gloedvolle, partijvriendelijke samenvatting heeft gegeven) iets kwijt van de noodzaak van luisteren naar ondergeschikten, medeverantwoordelijkheid en de blijvende noodzaak van verbeteringen en wat ik geleerd heb van hun samenleving tot zover.

 

Donderdag 22 Augustus

Deze dag heb ik geen training, maar kan wel helpen met stage interviews analyseren in de hoek van het leslokaal, en kan ik nog even met de begeleidsters spreken over de lesstof. Mijn vertaalster was gisteren wat verbolgen over mijn uitspraak dat het moeilijk was voor westerse bedrijven om zaken te doen in Noord Korea, omdat ze niet vrij konden rond reizen in hun land. “Maar” zei ze, “Je hebt alle vrijheid! Je mag overal naar toe gaan met mij!” Deze uitspraak wordt onze slogan onderling als trainers, als we tegen de grenzen aanlopen van ons verblijf; ik moet me ertoe zetten om  niet boos te gaan worden over de hele gang van zaken; mijn chagrijn helpt tenslotte de lokale bevolking toch niet en zet geen zoden aan de dijk voor verbeteringen van hun omstandigheden. Ik kan maar beter mijn werk daar goed doen. We spreken ook enkele oudere ondernemers, en leren wat hun visie is op de ‘Militaire agressie van afgelopen lente richting Noord Korea.’ Boeiend om het in het echt te horen van iemand.

We kunnen die middag de stad nog even zien en de metro, en het valt me op dat er geen afbeeldingen zijn in de stad anders dan van de leiders of soldaten.  We zien ook de eerste groepen jongeren alweer in de metro reizen naar het stadion voor de Arirang voorstelling; hoeveel kost het Pyongyang wel niet om die te houden?

Vrijdag 23 Augustus

Het is tijd voor mij om weer terug te gaan naar Peking, naar huis. De eerste Feedback op mijn training is binnen die ochtend vroeg;  vooral dat werknemers iets terug mochten zeggen tegen de baas was erg bijzonder voor ze..Volgende week hoor ik meer en kan ik mijn training aanpassen voor een volgende keer. Want dit smaakt naar meer.

Ik word door de drie begeleiders naar het vliegveld gebracht en ik heb een pak chocola als bedankje voor iedereen. Mijn vertaalster is van slag dat ze niets voor mij heeft, en koopt snel wat souvenirs voor mij; geïmporteerde Chinese en Duitse koekjes, en twee blikjes Heineken (die daar overal te verkrijgen zijn). Na de security check kan ik in de wachtruimte en in het vliegtuig nogmaals genieten van de Nationalistische liederen en een TV met nog meer propaganda, maar ik ben het zat en luister U2 en Coldplay op mijn telefoon. Peking valt toch wel mee na een weekje Pyongyang…